De 4-jarige BusinesscycleRoyce Tostrams: In mijn lange termijn strategische overwegingen gebruik ik al sinds jaar en dag de 4-jarige Businesscycle. Ook in eerdere DFT-colums heb ik daar al aandacht aan besteed. Bezien vanuit de vierjarige Businesscycle en uiteraard beoordeeld op basis van mijn klassieke technische oordeel, komt de wereldeconomie thans in een nieuwe fase, dat is het stadium waarin 'een' bodem wordt bereikt.
Doorgaans stagneren alle markten stagneren nog (!), behalve obligaties die het goed doen. Maar wees alert, de obligatiemarkt komt thans in de laatste fase, waarin zelfs een zekere oververhitting dreigt. De vierjarige Businesscycle geeft aan dat een bodem in de economie in de maak is, hoewel ik niet met zekerheid kan voorspellen 'wanneer' die bodem bereikt wordt. Primaire trends op financiële markten worden in belangrijke mate bepaald door de Businesscycle. De vierjarige Businesscycle heeft zichzelf vanaf het begin van de 19e eeuw consequent herhaald en bewezen. Een typische Businesscycle duurt doorgaans tussen de 3,6 en 7,5 jaar en omvat een periode van zowel economische groei als van economische krimp. De fase van krimp laat normaal gesproken een daling zien van economische activiteit. Het lijkt erop sterk op dat we een periode van economische stagnatie langzaam verlaten. In grote lijnen doorlopen de markten ook nu weer dezelfde ontwikkelingen als in het verleden. Deze ontwikkelingen zien we thans terug op de financiële markten. De laatste fase van de vierjarige Businesscycle wordt meestal begeleid door een top in de aandelen- en vastgoedmarkten en stagnerende grondstoffenprijzen. In deze fase kunnen lange termijn beleggers beter Cash aanhouden of in obligaties zitten. Normaliter laten aandelenmarkten dan een dalend verloop zien. Een echte daling in de vorm van een bearmarket is deze keer achterwege gebleven, maar heeft waarschijnlijk plaatsgemaakt voor een zijwaartse consolidatie in aandelen. Overigens zien we pas kansen in de aandelen en vastgoedmarkten nadat deze zijn duidelijk zijn uitgebodemd. Let op, daar is op dit moment nog geen sprake van. In de afgelopen maanden is het opvallend geweest dat zowel aandelen, vastgoed als grondstoffen een consolidatie hebben doorgemaakt, nadat eerder (eind 2009) de stijgende trends waren gebroken. Zolang de rente blijft dalen verkeren we nog in fase I van een nieuwe Businesscycle, waarin alleen obligaties interessant zijn. Wellicht ten overvloede; dit is altijd zo aan het begin van elke nieuwe Businesscycle, deze vormt daar geen uitzondering op. Dit impliceert dat het hele verhaal weer opnieuw gaat beginnen. De markt van staatsobligaties en andere vastrentende waarden is altijd de eerste beleggingscategorie die door de lange termijn risicomijdende belegger wordt opgepakt. Vooral aan het begin van een nieuwe vierjarige Businesscycle is het van belang om selectief te zijn met de keuze van beleggingscategorieën. Wanneer fase I overgaat in fase II wordt het weer aantrekkelijk om een boodschappenlijst voor aandelen te maken. Indien we de principes van de Businesscycle rigide toepassen, is daar op dit moment nog geen sprake van. Maar we sluiten niet uit dat de tweede helft van 2010 een interessante periode voor zowel de aandelen- als de vastgoed belegger kan worden.
Op basis hiervan kan bij het
volgen van de vierjarige Businesscycle de volgende beleggingsstrategie
toegepast worden:
Fase II:
Fase III:
Fase IV:
Fase V:
Fase VI:
De Businesscycle laat ook het chronologische pad zien van de belangrijkste financiële Assets: obligaties, aandelen, vastgoed en commodities. In dit figuur is de gehele cycli in 6 stukken (fases) onderverdeeld. Passen we deze curve toe op de huidige beursontwikkelingen, dan valt op dat we thans alle karakteristieken zien van het begin van een nieuwe vierjarige Businesscycle. Dit is de fase waarin alle beleggingscategorieën onder druk staan, behalve obligaties. Dit rechtvaardigt slechts één conclusie: Houdt een positie in kas of obligaties aan, maar bereid wel alvast het boodschappenlijstje voor in aandelen. Pas in fase II worden de aandelen- en vastgoedmarkten weer interessant. De financiële markten hebben in de afgelopen maanden, door hun zijwaartse en consoliderende koersverloop, duidelijk laten zien dat de seinen nog niet op groen staan. De nieuwe Businesscycle, met economisch herstel, staat dus nog in de startblokken. DIT HOUDT IN DAT IK MOGELIJK PAS EIND 2010 OF BEGIN 2011 ZAL ADVISEREN IN AANDELEN EN VASTGOED TE STAPPEN. Een belangrijk signaal is dat economisch belangrijke grondstoffen, waaronder Ruwe Olie, het kopje laten hangen. De stijgende trend van Ruwe Olie is al eind 2009 gebroken. Olie beweegt de laatste drie kwartalen zijwaarts. De CRB-index, die het koersverloop van de belangrijkste grondstoffen weergeeft, heeft eveneens de stijgende trend gebroken en beweegt al geruime tijd zijwaarts. Met het neutrale koersverloop dat sinds het derde kwartaal van 2009 op de grafiek zichtbaar is, stellen we vast dat de vraag naar grondstoffen (meestal een signaal van economische activiteit) volledig is opgedroogd. In 2009 was de CRB-index bijna in waarde verdubbeld. De ontwikkelingen van grondstoffen indiceren dat de economische groei vrijwel tot stilstand is gekomen.
Staatsleningen: Obligaties blijven het goed doen. Technisch laten Nederlandse staatsobligaties in vrijwel alle looptijden nog steeds sterke stijgende trends zien. Dit geeft aan dat beleggers genoegen nemen met zeer lage rendementen. Ik denk wel dat de obligatiemarkt thans in de laatste fase verkeert, waarin een zekere oververhitting dreigt. Een top in Staatobligaties (=bodem in de Kapitaalmarktrente) moet dit nog bevestigen.
Ik adviseer op dit moment nog steeds een aanmerkelijk
deel van het belegd vermogen in Kas of in obligaties aan te houden.
Hoewel het rendement hierop zeer karig is, garandeert dit een gezonde
nachtrust. |